Rijksgebouwendienst

Rijksgebouwendienst - Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Rijk en Den Haag tekenen intentieovereenkomst over kantorenaanpak

woensdag, 6 juni 2012

De komende jaren zal de Rijksoverheid minder kantoren nodig hebben. Dit heeft met name voor de regio Den Haag grote gevolgen. Ongeveer 40% van de kantoren die op dit moment in gebruik zijn door de Rijksoverheid, zullen niet langer nodig zijn. Door ondertekening van de overeenkomst onderstrepen de gemeente Den Haag, het RVOB en de Rijksgebouwendienst de intentie om te komen tot een integrale aanpak.

Ministerie van Buitenlandse Zaken van bovenaf gezien

Ministerie van Buitenlandse Zaken

Dat er minder kantoren nodig zijn, is het gevolg van de bezuinigingen op de Rijksoverheid en de aanpassing op de huisvestingsnorm. De huisvestingsnormen zijn verlaagd naar 0,9 werkplek per fte en 24,5 m2 per werkplek.

Het Rijk doet in de komende circa 7 jaar afstand van een groot aantal kantoorpanden, waaronder  het ministerie van Buitenlandse Zaken (Bezuidenhoutseweg), het ministerie van Sociale Zaken (Anna van Hannoverstraat) en het ministerie van Infrastructuur en Milieu (Plesmanweg). Om te voorkomen dat dit leidt tot een grote leegstand, slaan het Rijk en de gemeente Den Haag nu de handen ineen.

De Rijksgebouwendienst, het Rijksvastgoed- en Ontwikkelingsbedrijf (RVOB) en de gemeente Den Haag zien de noodzaak en urgentie van een gezamenlijke aanpak van de problematiek van het leegkomen van het grote aantal Rijkspanden. Voor een deel wordt gezocht naar andere publieke en private kantoorgebruikers en een ander deel komt in aanmerking voor transformatie naar andere functies. Ook het faseren van het vrijkomen van de panden kan bijdragen aan het voorkómen van teveel leegstand in de stad.

De partijen spannen zich gezamenlijk in om de negatieve effecten op de kantoren- en arbeidsmarkt te beperken en te komen tot een succesvolle uitvoering van het masterplan Rijkshuisvesting Den Haag.

Deze intentieovereenkomst is een belangrijke stap op weg naar de samenwerkingsovereenkomst die later dit jaar getekend wordt.

Foto: Levien Willemse