Rijksgebouwendienst

Rijksgebouwendienst - Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Station Lelylaan Amsterdam

Stadsdeel Nieuw West werkt aan verbetering van het gebied rondom station Lelylaan. Het station roept bij een ieder die de naam hoort een beeld op. En laten we eerlijk zijn, over het algemeen is dit er niet een van een mooi station waar het prettig toeven is. Sterker nog, het wordt vaak gekwalificeerd als een (overstap)halte waar men het liefst zo snel mogelijk weer vandaan vertrekt.
Om te kunnen voldoen aan de wens dit een aantrekkelijke verblijfplaats te maken dat onderdeel uitmaakt van de stad heeft de gemeente het atelier Rijksbouwmeester gevraagd teams in te schakelen. Dit werden er drie. Hier een korte beschrijving van hun onderzoeksresultaten.

Anne Hemker (Stadstij), heeft samen met fotograaf Lard Buurman gekeken naar hoe het huidige gebruik van de omgeving van het station zich verhoudt tot de plannen en ambities van de gemeente. Zij onderzocht wat er leeft onder de huidige gebruiker van het station en de omwonenden. Ervaren zij het station en omgeving ook als een naargeestige plek? Zo ja hoe komt dit dan en wat moet er volgens hen gedaan worden om te zorgen dat het een aangename verblijfplek wordt. Uit gesprekken blijkt dat bewoners de woonomgeving helemaal niet negatief ervaren. Echter kan beeldvorming in de media niet worden onderschat, het is de wijk van Mohammed B. en de Hofstadgroep. De wijk heeft een identiteit nodig.
Jongeren vormen een grote groep gebruikers en er zal door de gemeente meer rekening met hen moeten worden gehouden in hun plannen. Hemker schetst haar zorgen over het breder worden van de kloof tussen ‘haves’ en ‘havenots’ wanneer er dure restaurants en boetiekjes komen. Zij stelt voor om lokale ondernemers te stimuleren. Zij kennen de omgeving, weten wat de behoeften zijn en staan positiever tegenover ondernemerschap in Nieuw West. Veranderingen die bottom-up worden geïmplementeerd hebben een grotere kans op slagen dan plannen die top-down in de wijk worden uitgezet.

Jaco Kalfsbeek en Mark Eker (Drive 3D en Eker&Schaap landschapsarchitecten), vinden de relatie tussen de bebouwing en openbare ruimte en met name het station als bouwwerk in relatie tot het maaiveld, ondermaats en zouden het grootser aanpakken. Zij zien mogelijkheden in het verschuiven in perspectief van, Lelylaan een Amsterdam faciliterende plek naar Lelylaan en omstreken als bestemming op zich. Hoe kan je op die plek, voorlopig zonder bouw van dure projecten nieuwe stedelijkheid organiseren? Zij zien verbinden als voorwaarde voor het slagen van de omgeving. Verbinden van de binnenstad met de exotische buitenstad, het verbinden van West met de regio, verbinden van alle vervoersmodaliteiten, verbinden van de zuidelijke locatie-over de Lelylaan heen- met de noordelijke locatie.
Een van hun voorstellen is een ambulante markt met kramen op de noordelijke kavel in combinatie met kramen op de zuidelijke kavel. Het zou een dagelijkse markt moeten worden zodat het een bestemming wordt.

Kamiel Klaasse (NL Architects) bekeek de mogelijkheden voor het tijdelijk inrichten van de ruimte rondom en station om er een magneet van te maken. Er zijn al gebouwen gesloopt en doordat er niets nieuws voor terugkomt ontstaan er ‘gaten’ in de stad. Deze braak liggende terreinen kunnen een wijk een impuls geven zoals de ‘Baulucken’ dat in Duitsland hebben gedaan. Hier ontstonden stadsparkjes met cafés, speeltuintjes etc. Door de plek een functie te geven kan het een aantrekkelijke verblijfplaats worden.
Klaasse geeft een aantal voorbeelden van mogelijke invulling voor het braakliggend terrein en hebben die visueel uitgewerkt. Een pluktuin, urban farming, sportveld of windmolenpark. Alle voorbeelden zijn te realiseren echter zal de een meer kosten met zich meebrengen dan de ander. Verder raden zij aan het busstation anders te plaatsen om zo de ruimte onder het spoor vrij te maken voor ander gebruik. Wat te denken van een bazaar onder de rails.
Klik hier voor de resultaten (PDF, 10.8 Mb)

De gemeente is zeer tevreden met het rapport en hoewel uiteraard niet alles zal worden opgenomen is het goed dat ze zijn gewezen op het belang van de huidige gebruikers en omwonenden. Wat betreft het busstation volgt de gemeente haar oorspronkelijke plannen maar ze ziet wel iets in het logo I Amsterdam-West als Poort van West. Dat de onderzoeken inspiratie oplevert wordt bewijzen met de bloemen die gezaaid gaan worden om van een braak stuk grond een bloementuin te maken.